Op vandaag zijn er volgens BeCommerce al meer dan 5.000 webshops in België en er komen er iedere dag 5 bij. Maar volgens mij is dit toch met een korreltje zou te nemen. Sommige (lees: het merendeel) verdienen de titel “Webshop” hoegenaamd niet. Het is niet omdat je een overzicht geeft van je verschillende producten en de mogelijkheid biedt deze online aan te kopen dat je een webwinkel hebt. Integendeel…. Daarenboven doen al deze “slechte” webshops onze sector meer kwaad dan goed! Het schaadt namelijk het vertrouwen van de consument in online winkelen waardoor de groei aan de vraagzijde zich niet verder zet. Maar dat is voor een andere keer…
Maar wat is dan wel een goeie webshop? Die vraag krijg ik heel vaak en is ook moeilijk te definiëren. Er zijn nl. tientallen factoren die een webshop tot een kwalitatieve webwinkel maken. Hieronder vind je volgens mij de belangrijkste punten die uw digitale winkel maken of kraken.
You get only 5 seconds to make a good impression
Los van hoe de mensen naar je webshop komen (direct verkeer, indirect verkeer, zoekmachines,….), onthoud goed dat je slechts 5 seconden hebt om je bouncepercentage zo laag mogelijk te houden. Je hebt 5 seconden de tijd om te tonen WAT je verkoopt. Verkoop je keukenartikelen, toon dan onmiddellijk keukenartikelen. Verkoop je damesmode, toon dan op je homepagina damesmode. Zo simpel maar o zo vaak wordt het vergeten.
Maar let wel… Binnen diezelfde 5 seconden moet je ook aantonen dat je webwinkel bent. De bezoeker moet dus heel snel doorhebben dan men op jouw website effectief kan kopen.
Gone in 60 seconds
Proficiat! De potentiële koper denkt te vinden op jouw webshop wat hij zoekt. Geloof me, dat is 90% van alle werk!
Jammer genoeg echter (of in sommige gevallen gelukkig maar) heb je slechts een aantal van je producten op de homepagina staan. De kans dat de surfer daar zijn ding vindt, is dan ook niet bijzonder groot. Zorg daarom voor een overzichtelijk aanbod zodat men niet lang hoeft te zoeken. Hou je ook aan een aantal, ongeschreven regels…. Waar staat de navigatie-structuur? Juist ja, links op de pagina. Hoe overzichtelijker je structuur, hoe meer men zich richt (je mag dit letterlijk nemen) op het midden van de pagina, nl. de producten.
Maar ook zaken zoals zoekfunctie, winkelmandje, …. Probeer niet speciaal te doen en zet deze niet op een andere plaats om “anders dan anderen” te doen. Integendeel! Hoe meer aarzelingen je veroorzaakt, hoe meer reden je geeft om weg te klikken.
Gone in 60 seconds (BIS)
Dubbel proficiat!!! Men heeft gevonden wat men zoekt! En dit op jouw webwinkel! Afrekenen en liefst zo snel mogelijk is de boodschap. Zorg er dus voor dat men dit heel snel en eenvoudig kan doen! Hier een paar tips:
Zoals gezegd zijn er nog tientallen zaken die je niet mag vergeten. Je kan bv. geen conversie genereren als men je niet gevonden heeft. Of als je slecht gepresenteerde producten hebt, werkt met onbetrouwbare koerierdiensten,….
Misschien tot slot nog dit.. Maak je webshop alsof het een offline winkel is. Je zal verschieten hoeveel logische zaken terugkomen in je eigen webwinkel. En hoe meer je dit kan verzorgen, hoe hoger je conversie. 100% zeker!
De maand januari is voorbij en alle besluiten, statistieken, grafieken, … van het jaar 2010 zijn gemaakt! Het zijn er dan ook zoveel dat we deze nog niet allemaal hebben kunnen doornemen. Maar het is duidelijk dat 2010 voorbij is en dat we ondertussen als een maand ver in 2011 zijn. En wat gaan we nu doen? Verder doen zoals vorig jaar en hopen dat de groei zich verder zet? Of gaan we trendsetten? Pionier zijn? Op zoek gaan naar opportuniteiten en deze ten volle benutten?
Natuurlijk hangt je strategie voor 2011 af van hetgeen je gerealiseerd hebt in 2010. Deed je niets met e-commerce, social media, web-analytics,….. dan begin je er maar best mee! Geloof me, een trendsetter ben je dan helemaal niet meer. Webwinkelen is vorig jaar eindelijk volledig aanvaard in België. Volgens een studie van BeCommerce startten er maar liefst 5 nieuwe webwinkels per dag! En dit in België alleen al. De kaap van 5.000 is ondertussen mooi overschreden. Ook voor 2011 wordt hetzelfde aantal verwacht wat alleen maar wijst op een groeiende interesse van zowel de aanbieders als de vragers. En om deze groei te bestendigen zijn beide partijen nodig… Enerzijds moet de interesse van de koper er zijn maar anderzijds moet er ook een voldoende kwalitatief aanbod zijn. Op vandaag zijn er jammer genoeg te veel “amateuristische” webshops te vinden. Opnoemen zou te veel eer zijn, maar dat ze meer kwaad dan goed is overduidelijk…
Gelukkig zijn veel van onze klanten opgegroeid met een PC of iets wat er toch voor kon doorgaan…Mijn moeder daarentegen surft regelmatig, mailt, durft al eens te googlen, … maar that’s it. Social search is haar een brug te ver en online aankopen zal ze ook nog niet doen. Over mijn grootouders zal ik het maar niet hebben. Maar mijn lieve mama wordt er dan ook 60 dit jaar en mag je dit misschien nog niet van haar verwachten. Onze doelgroep vandaag dus, zijn veelal mensen die wel de intrede van internet meegemaakt hebben. Zijn de mensen die vandaag een smartphone op zak hebben, twijfelen om een tablet te kopen, op Facebook en/of Twitter hun kennis en interesses delen, … Om nog maar te zwijgen over de generatie die er weldra aankomt! Diegene die alleen maar kunnen schrijven in sms-taal en zich een leven zonder internet in de verste verte niet kunnen voorstellen. (Weten wij nog wel hoe dit was?) Ik wil maar zeggen… Of je nu wilt of niet… e-commerce is (al dan niet in combinatie met offline verkoopskanalen) een noodzaak! Voor u als aanbieder alsook voor de potentiële koper! Begin er dan maar aan!
Via E-commerceblog.nl ben ik op onderstaande blog terecht gekomen. Een zeer interessant artikel waar volgens mij veel ondernemingen in België mee geconfronteerd worden. Althans voor velen nog steeds een reden om e-commerce aan de kant of op de lange baan te schuiven. Voor de meesten onder hen, ten onrechte zo blijkt!
Kannibalisatie treedt op wanneer de verkopen via het online kanaal ervoor zorgen dat de verkopen via het offline kanaal verminderen. Er zijn al vele studies over dit onderwerp gedaan, maar er zijn nog geen eenduidige conclusies.
- Het ‘gevaar’ van het kanaalconflict is afhankelijk van 2 factoren: (1) is het product/ dienst eenvoudig of complex en (2) ligt de macht bij de fabrikant of bij de distributiepartners
- Als de macht ligt bij de fabrikant (bijvoorbeeld het merk is zo belangrijk in het assortiment dat een retailer het moet verkopen, om bezoek naar zijn winkel te genereren) dan zal het kanaalconflict geen grote gevolgen hebben, echter als het een complex product betreft heb je als fabrikant wel de detailisten nodig om uitleg te verschaffen.
- Als de macht bij de distributie ligt, dan is het kanaalconflict wezelijker. De fabrikant moet op goede voet blijven staan met de detailisten, omdat het merk anders uit het assortiment gehaald wordt
Ook bij het omgaan met het kanaalconflict, speelt bovenstaande matrix een belangrijke rol. Daarom bespreken ik de manieren om om te gaan met kanaalconflict per situatie.
1. Macht fabrikant en eenvoudig product / dienst
- E-commerce shop opzetten, waarbij niet al te veel rekening met de detailist gehouden hoeft te worden
- Om toch conflict te voorkomen zou de fabrikant:
o Een andere doelgroep kunnen targetten
o Een andere productlijn kunnen verkopen (of co-creatie bewerkstelligen, zoals Dell)
o Dezelfde prijzen hanteren
2. Macht fabrikant en complex product/ dienst
- Ieder kanaal heeft zijn eigen toegevoegde waarde. Bij een complex product is er waarschijnlijk veel informatie nodig en mogelijk wil de consument het product ook kunnen zien, voelen, ruiken, passen, et cetera. De website van de fabrikant heeft dan een soort leadgeneratiefunctie, waar veel info staat over het product en daarna wordt er doorverwezen naar de (web)winkel van de retailer.
- Delen van kennis is ook belangrijk, als de retailer en fabrikant goed samenwerken dan kunnen ze samen de behoeften van de klant nog beter vervullen.
3. Macht distributie en eenvoudig product /dienst
- Beperk de promotie van de eigen webwinkel
- Hanteer dezelfde prijzen
- Trek een andere doelgroep aan
- Verkoop een andere productlijn (co-creatie, nike ID, etc)
- Compenseer de detailist, laat de detailist bijvoorbeeld het product uitleveren (co-delivery), zodat de detailist kan up- en cross sellen, de verkoop sluit en pak als fabrikant alleen een marge
- Biedt shop in shops aan (creeer een platform waarop meerdere shops van detailisten kunnen draaien)
- Geef zeer belangrijke detailisten exclusiviteit of scoops (let hen een nieuwe productlijn eerder verkopen)
- Geef (belangrijke) detailisten inzicht in voorraden.
4. Macht distributie en complex product /dienst
- Leadgeneratie, verschaf consument met info en verwijs door naar detailist, om zo optimaal gebruik te maken van de toegevoegde waarde van alle kanalen
- Delen van kennis, kennis over consumenten en inzichten in bijv. voorraden
Soms is een kanaalconflict echter niet makkelijk in te delen in macht distributie / macht fabrikant en complex/ eenvoudig product. Kies de strategie dan op basis van wat de concurrentie doet (als zij al online verkopen, heb je geen keus en moet je ook een e-commerce strategie bepalen) en waar je je prettig bij voelt (wil je meer conflict of wil je conflict vermijden).
(bron: e-commerblog.nl)

De democratisering van de distributie. Dat is de tweede kracht hoe ‘Long Tails’ ontstaan. Vroeger was het zeer moeilijk om als producent je product of dienst aan de man te brengen. Zeker als je dit bedacht hebt in je garage of achtertuin. Maar ook voor grotere professionele bedrijven. Je moest al verschillende en/of meerdere distributiekanalen hebben om wat verkocht te krijgen, laat staan winst te genereren. Het internet heeft ervoor gezorgd dat je een niet te vatten mogelijkheid heb om te delen. Om je product kenbaar te maken bij het publiek. Of je doelgroep nu de grote massa is of een kleine niche met maar 10 personen, het maakt niet uit. Want laat ons eerlijk zijn…als je je product niet kan bekend maken ben je er weinig mee. Hoe leuk je product ook mag zijn.
Als de eerste kracht, de democratisering van de productiemiddelen, ervoor heeft gezorgd dat er meer producenten waren, dan heeft de democratisering van de distributie ervoor gezorgd dat er nu veel meer mensen tegen een lagere prijs bereikt kunnen worden. En die meer mensen zorgen voor een dikkere staart. Er wordt dus meer gekocht, ook van de producten die meer voor de nichemarkt bestemd zijn.
Een voorbeeldje, alweer uit de muziekindustrie. Echte, pure countrymuziek heeft zijn oorsprong in het begin van de 20ste eeuw en dit in het zuiden van de Verenigde Staten. In die contreien was dit zeer populair en nu nog steeds. In de jaren 1920 werd de populariteit groter door de opkomst van de nationale radiostations. Doch was country nooit zo populair als waar het begonnen was. Toen in de jaren 50 ook Europa deze aparte muziek leerde kennen was het met matig succes. Overal stond er wel iemand recht (bv Bobbejaan Schoepen bij ons) maar ook hier werd het geen groot succes. Maar op vandaag is country populairder dan ooit. En jullie hebben het ondertussen nu ook wel door. Omwille van het internet en zijn verschillende vormen van communiceren, heeft iedereen country wel eens opgevangen. En overal heb je (procentueel een zeer kleine minderheid) wel mensen die “dit leuk vinden”. (Bemerk de verborgen verleider.) Op die manier heb je in absolute getallen toch een grotere vraag naar het product. Het blijft een niche product maar je kan er wel geld mee verdienen. En daar draait het om niet?
Onlangs voor de tweede keer The Long Tail gelezen van Chris Anderson. Een must voor iedereen die bezig is met e-commerce volgens mij. Een boek met tal van voorbeelden hoe je het best je offline winkel online plaatst maar nog zoveel meer. Het is niet mijn bedoeling hier een samenvatting of mijn bevindingen neer te schrijven over dit boek. Toch wil ik alvast 1 niet te onderschatten punt aanhalen, gaande over de 3 krachten van The Long Tail.
De eerste kracht volgens de auteur is: “de democratisering van de productiemiddelen”. Dit wil (héél) kort zeggen dat het op vandaag ʻgoedkoopʼ en ʻmakkelijkʼ is om jouw product, idee, … te realiseren. Denk maar aan de muziekindustrie. Iedereen heeft op zijn laptop een programmaatje staan om wat deuntjes bij elkaar te mixen en daar een lekkere beat onder te plaatsen. Een ander voorbeeld is dat vandaag iedereen een gedicht kan schrijven en dit online kan plaatsen en dus een klein of misschien zelfs ongewoon groot lezerspubliek bereikt. De creativiteit van de mensen (de productie dus) wordt gestimuleerd door het gemak van het uitbrengen ervan. Dit laatste is de tweede kracht waar ik in een volgende blog meer over zal vertellen.
Maar hoe vertaalt zich dit voor een gewone KMO? Dit lijkt allemaal tof en interessant maar hoe kan je als middelgrote onderneming hier iets mee doen? Als je wat creatief bent, kan volgens mij veel. Cercle Brugge schrijft een wedstrijd uit voor het ontwerp van hun officiële voetbalshirts. Iedereen kan zijn of haar idee opsturen waar dan ook een winnaar wordt uitgekozen. Op die manier creëer je verbondenheid met je merk of product. Hoeveel sites hebben geen community-pagina waar je je ideeën kwijt kan? Dit kan zeer interessante informatie zijn voor je bedrijf. Veritas bijvoorbeeld organiseert workshops waar mensen bij elkaar komen om van elkaar te leren. En zo zijn er nog tal van voorbeelden. Stimuleer je klanten om mee te helpen met de uitbouw van je winkel en beloon hen daarvoor.
Tot slot, en voor sommigen misschien een stap te ver maar toch… Stimuleer (of rem ze zeker niet af) je klanten om eventueel zelf online te gaan met hun ideeën en creaties. Als jij de professional bent ben je over het algemeen de kop van de curve. De kleinere producenten zijn de (lange) staart. Die zorgen er dus voor dat online kopers ook bij jullie terecht komen Op die manier ontstaat er een soort van virtueel sneeuwbaleffect waardoor de interesse in uw product alleen maar groeit. En interesse resulteert in bezoekers op uw site en die bezoekers zorgen voor omzet.